21/09/2017

Laboratorium van dichtbij – episode 3: Migratie bij verpakkingsdrukwerk

Na een introductie over de geschiedenis van het laboratorium en toelichting bij de samenwerking met universiteiten, overheden en leveranciers, vertellen Joost Sprengers en Elsje Laeremans in deze episode over migratie. Complexe chemie? Ja, inderdaad. Maar Joost en Elsje weten het thema in een bevattelijke taal te verwoorden.

migratie bij verpakkingsdrukwerk

Drie vormen van migratie bij verpakkingsdrukwerk

Migratie kan vanuit drie standpunten worden bekeken, steekt Joost van wal: ‘Er kan migratie optreden van de folie naar het verpakte levensmiddel, van wat we opbrengen op de folie (zoals de inkten, de coatings, de lijmen) naar het verpakte levensmiddel, of vanuit de externe omgeving naar verpakte levensmiddelen. Vooral die laatste vorm van migratie is vandaag een heet hangijzer. Er wordt veel onderzoek gedaan naar MOSH en MOAH, twee componenten van minerale oliën. Vitrapack informeert zich en volgt de ontwikkelingen op de voet.’

Onze leveranciers worden geaudit en gecontroleerd, ze doorlopen een hele procedure, waardoor wij van alle folies de nodige certificaten in huis hebben.

Migratie vanuit folie, inkten, coatings of lijmen

De folie staat centraal in heel het migratieverhaal. De Europese wetgeving schrijft voor aan welke voorwaarden folies moeten voldoen. Dat borgt dat klanten veilig materiaal krijgen. Joost: ‘Vitrapack werkt enkel met grote leveranciers, die zelf migratietesten uitvoeren. Daar doen we geen escapades; we sluiten geen compromissen. Onze leveranciers worden geaudit en gecontroleerd, ze doorlopen een hele procedure, waardoor wij van alle folies de nodige certificaten in huis hebben. Dat is de eerste stap in de kwaliteitsgarantie.’

We sturen elke drie jaar een selectie van onze eindproducten naar een extern labo om controles uit te voeren naar globale migratie van folie- en inktbestanddelen.

Vitrapack voegt inkten, coatings en lijmen toe aan de folie. Ook dat moet worden nagekeken. Joost: ‘In 2007 hebben we vier maanden lang een check uitgevoerd op onze eindproducten, puur naar migratie toe. Eerst is er een controle uitgevoerd op de blanco folies die van de leverancier kwamen. Volgens testen kon geen invloed worden vastgesteld van ons productieproces op de globale migratie van folie- en inktbestanddelen. Alles zat netjes binnen de gewenste waarden. Ook nu sturen we elke drie jaar een selectie van onze eindproducten naar een extern labo om dat soort controles uit te voeren.‘

labo verpakkingsdrukwerk

Vitrapack voegt inkten, coatings en lijmen toe aan de folie. Ook dat moet worden nagekeken.

Globale migratie en specifieke migratie

Bij migratie maakt Joost een onderscheid tussen globale migratie en specifieke migratie. Joost: ‘Globale migratie is een soort test naar de inertie van het materiaal: reageren de materialen die we gebruiken op hun omgeving? Het kan zijn dat de stoffen onschadelijk zijn. Wat migreert, maakt niet uit. Dat kan zelf een voedingscomponent zijn. Maar er mag maar maximum 10mg/dm2 overgaan van de folie naar het levensmiddel. Dat is een algemene regel.’

Dan is er nog specifieke migratie. Joost: ‘Dat is iets heel anders. Bij specifieke migratie mag er maar een bepaalde hoeveelheid van een specifieke stof in het levensmiddel voorkomen. MOSH en MOAH zijn daar een voorbeeld van: die componenten mogen maar in zeer beperkte hoeveelheden in voedingsmiddelen voorkomen. Specifieke migratie kan ook gelden voor solventen. Onze drukinkten bevatten een aandeel vaste stof. Om deze in oplossing te krijgen zijn er solventen nodig. Dat gebeurt o.a. met ethanol en ethylacetaat.

We voeren al testen uit op restsolventen sinds 1991, dus we hebben daar al meer dan 25 jaar ervaring mee.

Bij het testen van restsolventen ga je nakijken hoeveel solventen er nog achterblijven op de folie na bedrukken en/of lamineren en dit onder bepaalde condities. We testen het restsolventgehalte om er zeker van te zijn dat de waarden niet te hoog zijn. Als het in hogere hoeveelheden zou voorkomen, dan zou dit het levensmiddel kunnen beïnvloeden. We voorkomen dat door de continue controle van restsolventen. Dit is geen migratietest in de eigenlijke zin van het woord, maar op deze manier weten we dat het verpakte levensmiddel niet negatief zal beïnvloed worden.’

Volgens Joost mag Vitrapack daar ook best fier op zijn: ‘We voeren al testen uit op restsolventen sinds 1991, dus we hebben daar al meer dan 25 jaar ervaring mee.’ Elsje vult aan: ‘We weten perfect hoe inkten en folies reageren en we weten wat de limieten zijn. Zo kunnen we onze klanten garanderen dat ze hun producten op een veilige manier kunnen verpakken in onze folies.’

testen migratie machines

We kunnen onze klanten garanderen dat ze hun producten op een veilige manier kunnen verpakken in onze folies.

Machines op maat

Dankzij die jarenlange ervaring reikt Vitrapack haar partners vaak nieuwe kennis aan. Joost: ‘Met onze machineleveranciers maken we bijvoorbeeld afspraken over onze drogingen. De drogingen worden aangepast, specifiek voor onze toepassingen.’ Daarbij heeft Vitrapack zelf veel inbreng in het ontwikkelen van de juiste machines. Elsje: ‘Er is een droging ontworpen speciaal voor onze toepassing. Eigenlijk is dat iets nieuw dat is uitgevonden op ons aangeven. De machines die standaard worden gebouwd, zijn niet altijd geschikt voor toepassingen in de voedingsindustrie. In andere sectoren speelt de droging vaak minder een rol. Bij verpakkingen van schroefjes of vijsjes maakt het niet uit als er wat meer restsolventen achter blijven. Voor ons is dat cruciaal, dus stellen we ook specifieke eisen naar het drogen van de inkten toe.’

In de vorige delen van deze reeks hebben Joost en Elsje het al gehad over hun jarenlange ervaring met kwaliteitstesten bij Vitrapack. Het tweede deel ging over samen innoveren. In het volgende en laatste deel van dit interview vertellen Joost en Elsje over de barrières van folie en de uithardingstijd van lijmen.

Een collega of een kennis die daar interesse in kan hebben? Meld hem of haar aan voor de nieuwsbrief.