25/04/2016

Kleur bekennen – deel 1: Kan je kleuren objectiveren?

Over kleur valt eindeloos te discussiëren. Ieder van ons ervaart kleur immers op een andere manier. De eerste stap om kleuren voorspelbaar te maken? Jan Verdonck, expert color management van Vitrapack, heeft een helder antwoord klaar: ‘Goede afspraken. En duidelijke communicatie.’ Pas wanneer aan die fundamentele voorwaarden is voldaan, heeft het zin om het drukproces zelf te stroomlijnen en standaardiseren. In een verhaal van vier episodes vertelt Jan alles over color management en standaardisatie. In dit eerste onderdeel legt hij het fundament.

‘Color Management heeft in de eerste plaats te maken met kleurenvoorspelbaarheid. Het is ervoor zorgen dat je vooraf, zowel intern als aan opdrachtgevers, kan tonen welke kleur er uiteindelijk uit de drukpers gaat rollen.’ Om die kleurenvoorspelbaarheid te realiseren, moet je objectief kunnen vaststellen welke kleur je wil bekomen. Maar communiceren over kleur is allesbehalve vanzelfsprekend. Veel verschillende zaken bepalen hoe we een kleur ervaren. De aard en sterkte van de lichtbron waaronder iets wordt bekeken is een vanzelfsprekende factor. ‘Maar er zijn andere, minder bekende zaken die een belangrijke rol spelen’, weet Jan. ‘Mannen en vrouwen ervaren kleuren bijvoorbeeld anders. Verder zijn er genetische factoren die mee bepalen hoe iemand een bepaalde kleur ziet. Een Europeaan neemt kleuren bijvoorbeeld anders waar dan iemand met een Aziatische achtergrond. En zelfs dezelfde persoon ziet exact dezelfde kleur niet altijd op dezelfde manier. Vreemd, toch? Maar afhankelijk van hoe lang we al wakker zijn, zien we kleuren anders.’

Woorden schieten tekort

2016_Vitrapack01_Portra160_test_lores-4

Met de officiële kleurbibliotheek van Pantone kunnen we de discussie over kleur objectiveren.

Onze woordenschat laat het ons eigenlijk ook niet toe om kleuren heel precies te definiëren. We kunnen kleuren wel omschrijven, maar botsen daarbij al snel op de grenzen van de taal. Om een objectieve referentie te hebben, doet de grafische sector beroep op afgesproken normen en kleurenwoordenboeken. Het bekendste voorbeeld daarvan is Pantone. Jan: ‘Zij maken ook die mooie kleurenwaaiers, maar eigenlijk gebruiken we die zo weinig mogelijk. Die boekjes zijn ooit ook gedrukt – het ene al wat beter dan het andere – en verschillen subtiel van kleur. De ene kleurenwaaier ligt al vijf jaar in een kast, een andere is net nieuw. Ook daar zit verschil op. Dat maakte het in het verleden niet gemakkelijk om te communiceren over kleur. Bij Vitrapack gebruiken we ondertussen de officiële digitale bibliotheek van Pantone. Dat is een digitaal bestand waarin 1400 kleuren worden gedefinieerd. Het leuke daaraan? Het is objectief. Vroeger gebeurde het wel eens dat een drukpers stilstond door een discussie over kleur. Dat is nu verleden tijd. Dankzij dit soort referenties kan het gesprek over de juiste kleur vooraf worden gevoerd.’

Een Europeaan neemt kleuren bijvoorbeeld anders waar dan iemand met een Aziatische achtergrond. En zelfs dezelfde persoon ziet exact dezelfde kleur niet altijd op dezelfde manier. Vreemd, toch?

Op kleur komen

Om kleurenvoorspelbaarheid op de werkvloer te realiseren wordt het drukprocedé bij Vitrapack zoveel mogelijk gestandaardiseerd en gestroomlijnd. Jan: ‘In principe is het bedienen van een drukpers vandaag, veel meer dan vroeger, een kwestie van de juiste procedure te volgen. Wie een traditioneel drukproces van A tot Z bestudeert, stelt vast dat daar heel wat tijd, materieel en energie wordt besteed aan het ‘op kleur komen’ van de persen. Vroeger schommelden de kleuren heen en weer rond de referentiewaarde en moesten drukkers de machine bijsturen om de kleur binnen de tolerantiewaarde te krijgen. Zoiets kostte tijd en materieel. En dus ook geld.’

Daar zag Vitrapack een grote uitdaging in. Jan: ‘Weet je, ik ben een echte procesman. Ik kijk naar het drukprocedé en stel mezelf automatisch de vraag: Hoe kunnen we dat verbeteren? Hoe kunnen we dat efficiënter maken? Welke schakels kunnen we bijsturen om het proces te stroomlijnen? Hoe kunnen we alles enten op industriële standaarden? Kortom: hoe kan een drukkerij het drukproces optimaliseren?’

2016_Vitrapack01_Portra160_test_lores-4-wide

Jan is pionier in color management en standaardisatie. Gedurende vier jaren optimaliseerde hij samen met de Vitrapack collega’s het volledige drukproces.

Essentiële schakels

De voorbije vier jaar bestudeerden we alle schakels van het drukproces en bedachten we innovatieve oplossingen om kleurenvoorspelbaarheid te realiseren. Daaruit zijn er drie cruciale onderdelen van het drukprocedé naar voren gekomen: fingerprinting, ingangscontrole van materialen en objectieve kwaliteitscontrole. In onze volgende blogberichten zullen we samen met Jan dieper inzoomen op deze drie onderdelen.

Ik ben een echte procesman. Ik kijk naar het drukprocedé en stel mezelf automatisch de vraag: Hoe kunnen we dat verbeteren?

 

Jan Verdonck van Vitrapack is pionier in color management en standaardisatie. Hij deelt zijn expertise in een verhaal van vier episodes. Je las net het eerste deel. In volgende hoofdstukken gidst hij je doorheen de drukkerij zelf. Daarbij geeft hij meer uitleg over fingerprinting, ingangscontrole van bijvoorbeeld de inkten en objectieve kwaliteitscontrole.

Heb je een collega die interesse heeft voor kleur, kleurenvoorspelbaarheid of kleurenbeheer? Schrijf hem of haar in op deze nieuwsbrief. We bezorgen dan alvast dit eerst deel van het verhaal. Daarna is het samen uitkijken naar een volgende aflevering.